Centraal adres:

Onderwijsboulevard 225

Postbus 315

5201 AH  ’s-Hertogenbosch

T 073 - 613 29 96

  • White Facebook Icon
  • White Twitter Icon
  • White Pinterest Icon
  • White Instagram Icon

© 2019 door Agrifood Capital

Regiosessie Veghel
Verbinding door verdieping (2)

Net als in Boxmeer, gingen raadsleden, bestuurders en ambtenaren van Noordoost-Brabant met elkaar om de tafel om samen de thema's voor de nieuwe Strategische Agenda's te verkennen en uit te diepen.

Datum: 27 mei 2019
Locatie: Noordkade, Veghel

Een kleine 120 raadsleden, bestuurders en ambtenaren kwamen op de Regiosessie op de Noordkade in Veghel. Net als in Boxmeer (15 mei jl.) verkenden ze met elkaar de thema’s voor de regionale samenwerking na 2020. Het vertrekpunt was het resultaat van het Regiocafé - de startbijeenkomst - op 17 april in Uden.


Middagsessie

De middagsessie was bedoeld voor bestuurders en ambtenaren. Gastheer Jan Goijaarts, wethouder van de gemeente Meierijstad, heette alle aanwezigen hartelijk welkom op het terrein van het voormalige veevoederbedrijf CHV. Een toonaangevend agrifood bedrijf dat deel uitmaakt van het DNA van de regio én van de historie van AgriFood Capital. De cultuur: CHV staat voor zaken samen dingen oppakken om verder te komen.
 

Persoonlijke motieven voor regionaal samenwerken
Dagvoorzitter Maike de Lange van Royal HaskoningDHV legde aan de deelnemers een aantal stellingen voor over regionaal samenwerken. Zo kon al wat worden geproefd van de heersende ideeën, denkbeelden en meningen over samenwerken in Noordoost-Brabant. Net als in Boxmeer maakte deze oefening ook hier duidelijk dat de wil om samen te werken er zeker is. De helft kende elkaar al. Desondanks was er een sterke behoefte om elkaar nog beter te leren kennen.
 

“We ontmoeten elkaar vaak, dat is ook de kracht van de samenwerking”.


Met het antwoord “eens” toonde het gezelschap zich opvallend eensgezind bij de stelling dat regionaal samenwerken nodig is voor de verdeling van zoet en zuur. Daarbij werd wel opgemerkt: Samenwerken gaat over bereiken van meer zoet.” Voor het merendeel vormde de juiste afstemming tussen de regionale en lokale agenda overigens nog wel een uitdaging.


“Samenwerken is ook anderen iets gunnen.”


Terugkoppeling Regiocafé 17 april
Wat was er opgehaald tijdens het Regiocafé in Uden? Het ontrafelen van de boodschappen op de 12 tafelkleden was een flinke klus. Toch overheerste het gevoel dat er al veel is bereikt. Paradoxaal genoeg was hier ook discussie over omdat de vraag was ‘door wie’: AgriFood Capital of Regio Noordoost Brabant? En wat zijn dan concreet die resultaten?


Maak twee strategische agenda’s in plaats van één en stem deze op elkaar af, was het advies. Het draagvlak, de wil en bereidheid om samen te werken werden breed (h)erkend maar er moet meer focus komen. Tegelijkertijd willen de gemeenten op tal van onderwerpen samenwerken. De regio is bijvoorbeeld meer dan agrifood. Een flinke uitdaging voor de komende periode dus, voor alle betrokkenen. Als belangrijke troef van de regio werd (goede) kwaliteit van de leefomgeving gezien.

“De toekomst van de agrarische sector is niet alleen een economisch vraagstuk maar ook een maatschappelijk vraagstuk”.

Energietransitie, mobiliteit, klimaat, arbeidsmarkt, agglomeratiekracht en transitie landbouw sprongen er als samenwerkingsthema’s zichtbaar uit. Als economische speerpunten vielen vooral logistiek, agrifood, hightech /data en ICT op. De aanwezigen konden zich vinden in deze opgehaalde onderwerpen als thema’s voor de regionale samenwerking.


Advies naar aanleiding van de economische analyse
Marcel Michon van Buck Consultants International gaf enkele handvatten voor de economische speerpuntagenda na 2020. In Uden kwam het voor velen als een verrassing dat Noordoost-Brabant de 6e economische regio in Nederland is. De economische kracht van de regio mag in de volgende periode écht meer benadrukt worden. Maak meer werk van marketing en PR. En vraag ook wat het bedrijfsleven nodig heeft van de gemeenten, luidden de adviezen.


“Wees trots, laat maar eens horen wat we allemaal hebben”.

Brabant scoort als regio goed op de zogenaamde ‘kenniseconomie’, maar matig op stedelijkheid en agglomeratiekracht. De regio is immers meer een blokkendeken van steden en dorpskernen; er zijn maar weinig echte grote steden waar mensen naar toe trekken.


“Je moet aansluiten op de weg van anderen want jouw weg houdt niet op bij de grens.”

Daarnaast zorgen hightech en agrifood als belangrijkste economische sectoren voor de meeste banen. Vooral in Noordoost- en Zuidoost-Brabant zijn deze sectoren nauw met elkaar verweven. Voor de economische groei van Noordoost-Brabant is het nodig dat agrifood, hightech en logistiek meer gaan samenwerken en sterke clusters gaan vormen.


Vraag van bedrijfsleven aan de regio
Vraag aan bedrijven wat ze van gemeenten nodig hebben. Dat was een van de lessen van de Regiosessie in Uden. Jos van Asten van VNO-NCW Brabant-Zeeland wilde deze vraag graag namens het bedrijfsleven beantwoorden. Hij brak een lans voor een goede samenwerking met de gemeenten aan de voorkant. En samen plannen te bedenken en samen eigenaar te zijn. Dan ontstaat er nog meer ruimte om het vestigingsklimaat voor bedrijven te verbeteren en de economie van de regio te  versterken.

“Benut de kwaliteit en de kennis van bedrijven.”


De regio in 2028
Na al die – zeer nuttige - informatie was het tijd voor een creatieve oefening. Het is 2028, wat ís de regio dan, wat hebben we met elkaar bereikt? Maakt de regio dan het verschil, economisch maatschappelijk en ruimtelijk, anders? Alle deelnemers leefden zich uit op de foto’s die voor deze oefening verzameld waren. Evenals in Boxmeer, leidde de opgeschreven steekwoorden tot inspirerende gesprekken.


“Het is wel mogelijk maar je moet het samen doen.”


Vervolgens verdeelden alle aanwezigen zich over vijf tafels om zich over de thema’s van de nieuwe strategische agenda te buigen. De vijf hoofdonderwerpen waren: innovatiekracht, agglomeratiekracht, omgevingskracht, menskracht en samenwerkingskracht. Per hoofdonderwerp kwamen de maatschappelijke opgaven, het strategische doel en subdoelen tot aan de eerste te nemen stappen op tafel. Er werden discussies gevoerd, meningen gedeeld (of juist niet) en acties en prioriteiten opgesteld.


Avondsessie

De avondsessie in Veghel was voor de raden uit de regio. De aanwezige raadsleden werden welkom geheten door wethouder Jan Goijaarts. Gevraagd werd te reflecteren op wat er in de middag was opgehaald. Na deze sessie in Veghel krijgen raadsleden nog de mogelijkheid te reageren via en enquête, een informatieve bijeenkomst op 23 oktober en een oordeelsvormende bijeenkomst voor alle raden in januari 2020. In maart 2020 vindt dan de besluitvorming plaats.


Persoonlijke motieven voor samenwerking

Dagvoorzitter Maike de Lange vroeg aan de hand van stellingen naar de persoonlijke motivaties voor samenwerking. De aanwezigen waren grotendeels voorstander van regionaal samenwerken maar gaven toe in een zoektocht te zitten naar de manier waarop dat het beste kan. In het bijzonder wenste men een betere aanhaking van de raden en daarvoor keek men ook naar zich zelf en de colleges. Sommigen meenden dat de raden daar ook zelf een taak in hadden. Enkele raadsleden gaven toe dat daar te weinig tijd voor wordt gemaakt en dat, eenmaal thuis, de lokale agenda toch weer leidend is.


“Breng de raden in stelling.”


Terugkoppeling Regiocafé 17 april

(Hier werd dezelfde terugkoppeling gegeven als bij de middagsessie)


Uitwerking middagsessie
Aan de slag nu met de opbrengst van de middagsessie. De uitkomsten van de vijf tafels werden per tafel gepresenteerd door een wethouder of andere aanwezige tafelgenoot. Bij drie van de vijf ‘tafeluitkomsten’ gaven de raadsleden elk aanbevelingen aan de bestuurders voor de nieuwe strategische agenda.


“Eigenlijk hebben we als raadsleden vanavond een soort van ‘society-check’ gedaan op wat er is opgehaald. Met andere woorden: is het thuis uit te leggen?”

Afrondend kon worden geconcludeerd dat de aanwezige raadsleden het in grote lijnen eens waren met alles wat was opgehaald. Er waren geen grote tegenstellingen, wel nuances. Tegelijkertijd was er het gevoel vanavond te weinig tijd te hebben gehad om goed door te praten over de onderwerpen. Dat is een leerpunt voor het vervolg. De enquête en de bijeenkomsten in oktober en januari voor raadsleden bieden ook nog mogelijkheden om te reflecteren.

Niet geweest en toch meepraten? Vul dan de enquête in
Raadsleden, bestuurders en ambtenaren die niet bij de Regiosessies aanwezig konden zijn, hebben alsnog de gelegenheid om hun ideeën in te brengen en mening te delen. Ga hiervoor naar de enquête. Invullen kan tot 10 juni 2019.